Blended learning: Flexibeler opleiden met ICT

Blended learning. Er zijn allerlei definities van ‘blended learning’, maar ik wil het op dit moment graag even simpel houden en het gewoon hebben over het combineren van online en klassikale activiteiten. Zelf denk ik daarbij vooral aan het gebruik van een online leeromgeving, waarin per vak of training de instructies, bronnen, communicatiemogelijkheden, opdrachten en een planning worden aangeboden. Het biedt meer flexibiliteit en meer mogelijkheden om te leren onafhankelijk van gezamenlijke bijeenkomsten. Flexibiliteit die medewerkers, studenten maar ook docenten en trainers vaak goed kunnen gebruiken.

laptop_boek_640 - SCY on pixabay

Tijdens mijn studie Toegepaste Onderwijskunde aan de Universiteit Twente maakte ik kennis met blended learning. Niet alleen als student, maar ik kreeg ook de kans om te werken bij TeleTOP (TeleLeren Toegepaste Onderwijskunde Project) waarbij een online leeromgeving werd ontwikkeld en geïmplementeerd op onze faculteit, en later op de hele universiteit. De wijze waarop deze omgeving gebruikt werd in het onderwijs was volledig gebaseerd op het idee van blended learning, alleen werd het het later pas zo genoemd.

Ervaring als student

In TeleTOP-roosterTeleTOP kreeg ieder vak een eigen website met daarop onder andere een rooster, waarin je kon vinden welke activiteiten er vóór, tijdens na een hoor- of werkcollege van je werden verwacht. Ook kon je er de opdrachten vinden, inleveren en feedback bekijken, vragen stellen, discussies voeren, extra resources bekijken (bestanden of links naar websites), en er waren zelfs SlidesAndVideotools voor het samenwerken bij groepsopdrachten. We maakten echter ook gewoon nog gebruik van boeken.

Was het overbodig om naar de colleges te gaan? Absoluut niet! Hoewel er wel werd geëxperimenteerd met het geven van uitleg via video’s en meelopende slides, zeg maar de eerste ‘flipped classroom’, vond het grootste deel van de kennisoverdracht nog altijd tijdens de colleges plaats en deed je thuis vooral de verwerkingsopdrachten.

Ervaring als student-projectmedewerker

Als student-projectmedewerker heb ik onder andere docenten begeleid bij het inrichten en gebruiken van de leeromgeving. Docenten konden grotendeels zelf bepalen welke mogelijkheden zij wilden gebruiken, zolang zij maar zorgden voor:

  • goede informatie over het vak (samenstelling, benodigdheden, verloop en slagingscriteria);
  • contactinformatie van de docent(en);
  • correcte invulling van het rooster;
  • communicatie van algemene berichten over het vak via de nieuwsfunctionaliteit.

Welke andere functies zij wilden gebruiken, hing af van de wijze waarop zij hun vak wilden geven en de mate waarin zij zich comfortabel voelden bij het gebruik van deze mogelijkheden. Hierdoor zag je wel redelijk wat verschillen qua gebruik, maar er was een acceptabel basisniveau en je zag ook zeker vooruitgang. En onder medestudenten hoorde ik eigenlijk nooit dat ze problemen hadden om iets te vinden, tenzij de docent het nog niet had geplaatst.

Geen acceptatie

Voor mij was het allemaal zo logisch als wat: een online leeromgeving is, mits goed gebruikt, een enorme verrijking van je vak of training, en ik heb mij er altijd zeer over verbaasd dat de acceptatie van online leeromgevingen toch zo langzaam is gegaan. Oorzaken kunnen uiteraard worden gezocht in de staat van de infrastructuur destijds, evenals de ICT-vaardigheden van de gemiddelde docent. Daarnaast zal ik ook niet ontkennen dat veel leeromgevingen inmiddels eenvoudiger en robuuster zijn geworden, maar echt complex zijn ze naar mijn mening nooit geweest.

Redesign: opnieuw ontwerpen

Ook was er nog een ander probleem: er werd namelijk veelal gedacht dat het in gebruik nemen van een online leeromgeving gewoon een kwestie was van je powerpoint- en pdf-bestanden online zetten, en dat leerlingen en cursisten er dan wel mee aan de slag konden. Uiteraard is dat een misvatting.

Als je een klassikaal vak online gaat aanbieden, zul je deze opnieuw moeten ontwerpen. Daarbij ga je op basis van de leerdoelen analyseren welke klassikale activiteiten je wilt vervangen of verrijken door online activiteiten.

Voorbeeld 1:

Vervangen:  Je kiest ervoor enkele colleges te laten vervallen en in plaats daarvan neem je deze colleges op op video, waardoor de cursisten deze vooraf kunnen bekijken in aanvulling op het lezen van een aantal hoofdstukken in het boek.

Verrijken: Je laat cursisten vooraf één of meer hoofdstukken uit het boek lezen en vervolgens gebruik je korte quizzes om ze door te verwijzen naar de verschillende (korte) videos die extra uitleg geven over onderdelen die ze nog niet goed begrijpen.

Voorbeeld 2:

Vervangen: Je laat de cursisten online hun opdrachten inleveren.

Verrijken: Je laat de cursisten opdrachten inleveren via de website, en na de inleverdatum laat je ze feedback geven op elkaars antwoorden.
Nog een stap verder: Tijdens het volgende werkcollege voer je een gezamenlijke discussie naar aanleiding van de gegeven antwoorden en feedback.
En nog verder: Je plaatst een samenvatting van die discussie in de leeromgeving of je laat dit door de cursisten zelf doen.

Impact en begeleiding
TwoPeople - Laptop - StartupStockPhotos

Uiteraard moet er ook rekening worden gehouden met de vaardigheden van de docent. Hoe handig is hij of zij met ICT? Welke begeleiding is er nodig? Hoe gaat de docent om met mogelijk nieuwe interactiemomenten buiten de bijeenkomsten om? Voordat je het weet, denkt de docent de hele tijd ’stand-by’ te moeten zijn voor het geval er vragen binnenkomen. Hier kun je echter afspraken over maken. Begeleiding bij het maken van het ‘blended learning design’ van het vak is daarom zeker de eerste keer geen overbodige luxe.

Hoe verder?

Inmiddels zie ik steeds vaker artikelen verschijnen over blended learning. Het lijkt erop dat de huidige behoefte aan flexibiliteit ervoor gaat zorgen dat blended learning en online leeromgevingen algemeen geaccepteerd zullen worden in het onderwijs en bij trainingen.
En eigenlijk is dat ook heel logisch: blended learning is met name interessant omdat het mogelijkheden biedt voor flexibiliteit, dus wordt het pas geaccepteerd als er voldoende behoefte is aan die flexibiliteit. (Zucht… simpel toch?)

Maar goed, we zullen nog steeds moeten waken voor té simplistische implementaties van blended learning en aansturen op een goede analyse per vak of training, waarna de docent of trainer bepaalt in welk tempo hij of zij gebruik gaat maken van de verschillende mogelijkheden. Pas dan kan blended learning echt een succes worden.

Ervaring?

Ik ben erg benieuwd naar je eigen ervaringen met blended learning als student, docent, of in een andere rol. Laat het weten door hieronder een reactie achter te laten.